Hepatitis

Een stille epidemie

 Wat is hepatitis C?

Hepatitis

Het hepatitis C virus (HCV) is een virus dat voornamelijk via bloed wordt overgedragen. Zodra het virus het menselijk lichaam is binnengedrongen, bereikt het via de bloedsomloop de lever en veroorzaakt er een ontstekingsreactie die leidt tot zowel acute als chronische hepatitis.

Een acute hepatitis C infectie brengt gewoonlijk geen symptomen met zich mee en wordt dus meestal niet gediagnosticeerd.

De meeste mensen met een chronische infectie herinneren zich meestal geen plotse opstoot van geelzucht (icterus) of een leverziekte. Sommige personen kunnen tijdens de infectie niet-specifieke symptomen vertonen, maar leggen nooit het verband met een leverziekte.

Het grootste probleem met het hepatitis C virus is dat de infectie in de meeste gevallen (+/- 80%) chronisch wordt. Hoewel de acute infectie gewoonlijk geen duidelijk ziektebeeld met zich meebrengt, is het risico zeer groot dat het virus na het binnendringen in het menselijk lichaam gedurende heel het leven van de besmette persoon aanwezig blijft en zich in de lever verder vermenigvuldigt.

Top

 Hoe wordt hepatitis C veroorzaakt ?

hepatitis

Hepatitis C wordt veroorzaakt door een virus dat voornamelijk via bloed wordt overgedragen. Een microdruppel bloed kan inderdaad voldoende zijn om het virus over te dragen. Het is bekend dat het hepatitis C virus langer dan talrijke andere virussen in gedroogd bloed kan overleven, misschien wel tot drie maanden. Het virus komt voornamelijk voor in de lever en de verschillende bloedbestanddelen, maar is afwezig in de meeste andere delen van het organisme. De hepatocyten zijn de levercellen waarin het hepatitis C virus zich vermenigvuldigt.

Een ontsteking is de reactie van het organisme op een aanval door een infectiekiem zoals een virus. Hierbij komen de cellen en vloeistoffen die instaan voor de afweer van het organisme, naar de plaats van infectie om de eventuele schade te herstellen en de verantwoordelijke kiem te verwijderen. De reactie van het organisme op een infectie van de hepatocyten door het hepatitis C virus leidt tot een ontsteking van de lever, gekend als acute hepatitis.

Bij een acute hepatitis zullen de ontstekingscellen en vloeistoffen migreren van het bloed naar de lever als reactie van het organisme op de aanwezigheid van het hepatitis C virus in de hepatocyten. Bij ongeveer 80% van de geïnfecteerde patiënten kan het organisme de hepatitis C-infectie niet onderdrukken en in bepaalde gevallen zal de aanhoudende ontstekingsreactie stilaan de lever zelf beschadigen. Dit noemt men het optreden van chronische hepatitis die na een periode, die verschilt van individu tot individu, kan leiden tot levercirrose of -kanker.

Top 

 Hoe wordt hepatitis C gediagnosticeerd en gecontroleerd?

In de meeste gevallen wordt een infectie door het hepatitis C virus toevallig ontdekt tijdens een medisch routineonderzoek – ontdekking van een verhoogd gehalte leverenzymen – of naar aanleiding van een bloeddonatie.

De diagnostische tests voor hepatitis C worden onderverdeeld in drie categorieën:

1. Levertesten via beeldvorming

  • Echografie
  • Computertomografie (CT-scan)
  • Magnetic Resonance Imaging (MRI)

2. Invasieve levertesten

Leverbiopsie

3. Labotests

  • Testen die de anti-HCV antilichamen opsporen: ELISA (EIA)
  • Moleculair biologische testen die het RNA genoom van HCV opsporen:
PCR

Test PCR:

Deze test is zo gevoelig dat zelfs een laag niveau als %26lt%3B 10 RNA-kopieën per milliliter bloed gedetecteerd kan worden. Deze methode wordt ook gebruikt om het subtype (genotype) van het hepatitis C virus te bepalen; een belangrijk gegeven aangezien de subtypes verschillend reageren op de behandeling.
Aangezien mutaties van het virus veelvuldig voorkomen, hebben patiënten vaak veelvoudige kopieën van het hepatitis C virus die genetisch variëren. Dit fenomeen heeft de naam "quasi-species" wat betekent dat de infectie met het hepatitis C virus in realiteit bestaat uit een heterogene mengeling RNA van het hepatitis C virus in een gegeven subtype. De PCR-methode is de standaardmethode om de quasi-species te bepalen.

Top 

 Hoe kan hepatitis C behandeld worden?

Het is belangrijk om te beseffen dat de behandeling van hepatitis C een langdurig proces is en dat sommige patiënten ontmoedigd worden als zij opnieuw ziek worden of niet op de behandeling reageren.

De behandeling die tegenwoordig het meest gebruikt wordt, bestaat uit de combinatie van een gepegyleerd interferon alfa (subcutane injectie) met ribavirine (orale inname).

Interferon alfa is een natuurlijk glycoproteïne dat het organisme aanmaakt om infecties te bestrijden. Recombinant interferon alfa is een kunstmatige kopie van het natuurlijke proteïne. Recombinant interferon alfa, dat in 1991 voor het eerst werd goedgekeurd voor de behandeling van chronische hepatitis C, interfereert met de vermenigvuldiging van het virus en stimuleert het afweersysteem bij de bestrijding van infecties.

«Gepegyleerd» interferon alfa wordt gebruikt om de behandeling efficiënter te maken. De polyethyleenglycolmoleculen (PEG) die aan het interferon gekoppeld zijn, vertragen de afbraak van het interferon zodat het langer werkzaam blijft. Bijgevolg moet de patiënt zich maar één keer per week met gepegyleerd interferon inspuiten in plaats van drie keer per week met gewoon interferon.

Ribavirine is een guanosineanaloog met een antivirale werking tegen een reeks DNA- en RNA-virussen zoals het hepatitis C virus. Bovendien stimuleert ribavirine de immuunrespons van het organisme en versterkt het de antivirale werking van het interferon. Als monotherapie is ribavirine niet effectief, maar wel in combinatie met het interferon. De gecombineerde behandeling met interferon en ribavirine brengt een duurzame virologische respons teweeg (verwijdering van het virus) bij meer dan 50% van de patiënten.

Bij patiënten die opnieuw ziek worden na behandeling (relapser), is het virus tijdens de hele duur van de behandeling niet aantoonbaar maar na het stopzetten van de behandeling verschijnt het echter opnieuw.

Bij patiënten die niet reageren op de behandeling (non-responder), blijft het virus tijdens de volledige behandeling aantoonbaar.

Top 

 Hoe kan hepatitis C voorkomen worden?

Hepatitis C wordt veroorzaakt door een virus. Vooraleer de routinematige opsporing van het hepatitis C virus werd ingevoerd, gebeurden de meeste infecties met besmet bloed(bijvoorbeeld tijdens een transfusie). Infectie is ook mogelijk door het inspuiten van drugs met besmette spuiten. Dit vormt tegenwoordig één van de voornaamste wijzen van overdracht van het virus.

Hepatitis C is een besmettelijke ziekte. Alle personen die hepatitis C hebben, kunnen anderen besmetten en hiermee moet dan ook rekening gehouden worden. Verschillende voorzorgsmaatregelen kunnen de verspreiding van hepatitis C voorkomen.

In de westerse wereld vormden bloedtransfusies en het gebruik van naalden en spuiten die slecht of niet gesteriliseerd werden, de voornaamste wijzen van overdracht van het virus. In het begin van de jaren ’90 startte de systematische opsporing van HCV-antilichamen in bloedprodukten zodat het praktisch onmogelijk geworden is om via bloedtransfusie besmet te worden. Een goede hygiëne (geen uitwisseling van tandenborstels, scheermesjes, enz.) doet het risico dat het virus wordt overgedragen op mensen die met een besmette persoon samenleven aanzienlijk verkleinen. Bij ongeveer 30% van de gevallen van hepatitis C is de wijze van besmetting niet gekend.

Voorzorgsmaatregelen om besmetting te vermijden:

  • Deel geen naalden of andere voorwerpen die gebruikt werden om drugs toe te dienen, een piercing of een tatoeage aan te brengen.
  • Deel geen snijdende voorwerpen zoals scheermesjes en nagelschaartjes .
  • Deel uw tandenborstel niet
  • Gebruik een condoom als u met verschillende partners seksuele omgang hebt of als u seksuele betrekkingen hebt die verwondingen kunnen veroorzaken. Vermijd seksuele betrekkingen tijdens de menstruatie

Spreek er over met uw arts als u denkt dat u eventueel geïnfecteerd zou kunnen zijn.

Tegenwoordig bestaat er geen enkel vaccin dat een infectie met het hepatitis C virus kan voorkomen. Bovendien zien de onderzoekers niet meteen een mogelijkheid om in de nabije toekomst een vaccin te ontwikkelen omdat het HCV zeer snel muteert. De onderzoekers ondervinden bijgevolg moeilijkheden om stabiele culturen van het virus te bekomen om een vaccin te ontwikkelen. Het feit dat er meer dan zes HCV-stammen bestaan, maakt de ontwikkeling van een HCV-vaccin nog moeilijker.

Top  

 Wat u moet weten

  • Het hepatitis C virus wordt overgedragen via bloed en niet via speeksel of vervuild water.
  • Het hepatitis C virus komt 4 keer meer voor dan het HIV-virus (Humaan Immunodeficiëntie Virus).
  • In de Verenigde Staten is het hepatitis C virus de belangrijkste reden voor levertransplantatie
  • Ongeveer 100.000 Belgen (prevalentie = 0,87%) zijn drager van het hepatitis C virus, maar de meeste weten niet dat zij besmet zijn.
  • Volgens de WGO was in 1999 het percentage van hepatitis C-infecties het hoogst in Afrika (5,3%) en het oosten van het Middellands Zeegebied (4,6%).
  • Egypte heeft het hoogste percentage van HCV-infecties: 20% van de militaire rekruten (overigens jong en in goede gezondheid) zijn drager.
  • Op basis van de incidentie van hepatitis C op het einde van de jaren 1970 en 1980 en in het begin van de jaren 1990 (tot 240.000 nieuwe gevallen per jaar) wordt verwacht dat in 2015 de mortaliteit ten gevolge van hepatitis C verdrievoudigd zal zijn.
  • Op wereldniveau schat men dat 170 miljoen mensen (3% van de wereldbevolking) aan een chronische hepatitis C infectie lijden en dat bijkomend 3 à 4 miljoen mensen per jaar geïnfecteerd worden (WGO)

Top 

 Roche en hepatitis C

Sinds meer dan 10 jaar is Roche actief op het domein van hepatitis C.
Roche België beschikt over een volledig programma van klinische studies om betere resultaten te bekomen bij populaties die bijzonder moeilijk te behandelen zijn, zoals patiënten die een transplantatie ondergingen, patiënten die eveneens met HIV geïnfecteerd zijn, kinderen, patiënten met nierinsufficiëntie en patiënten die niet reageerden op (non-responder) of opnieuw ziek (relapser) werden na behandeling.

In het kader van zijn ondersteuningsprogramma voor patiënten, heeft Roche een waaier van informatiebrochures ontwikkeld, speciaal voor de patiënt en zijn omgeving. Deze brochures zijn te verkrijgen bij de meeste gastro-enterologen of hepatologen die hepatitis C behandelen.

 

Top